Twee recente koppen uit de media over kerk en PVV: “De kerk moet opstaan tegen de PVV” en “De kerk moet begrip hebben voor PVV-stemmers”. Twee verschillende geluiden uit dezelfde protestantse kerk.

In een bijeenkomst van onze werkgemeenschap van predikanten (uit Alphen-Zuid, Boskoop, Hazerswoude en Koudekerk aan den Rijn) hebben we ons als collega’s verdiept in onze (pastorale) plek en rol in het gesprek over de verhouding tussen kerk en PVV-stemmers. Een rollenspel hielp ons om ons in te leven in een pastorale setting. De eerlijkheid gebiedt te zeggen dat we als dominees soms best een beetje moeten zoeken naar een goede weg. Het gesprek gaat over islam, over Nederland, over geen ruimte ervaren, over angst, over politiek, over individuele levens, over maatschappelijke problemen, over ruimte voor de vreemdeling, over christelijke waarden, over….

PVV-stemmer
Het  begint ermee om duidelijk te zijn dat dé PVV-stemmer natuurlijk niet bestaat. De achterban is divers: de boze witte man, de angstige oude dame, iemand die in sociaaleconomisch moeilijke omstandigheden zit, de kleine zelfstandige die veel belasting betaalt, een christen of juist een agnost. Als dominees proberen we zo goed mogelijk te luisteren: waarover maken mensen zich zorgen, of waar zijn ze boos over. Waarom vormt de islam voor hen een bedreiging?

Nederland
We erkennen tegelijkertijd dat die individuele verhalen vaak verbonden zijn met een groter maatschappelijk probleem. Niet één iemand maakt zich zorgen of is boos, maar er zijn grote groepen die moeilijk aan een baan of huis komen of die het maar net kunnen behouden. Mensen maken zich zorgen over hun toekomst of die van hun kleinkind, mensen maken zich zorgen over brood op de plank. Het kan wrang zijn dat een huis aan een statushouder wordt gegeven, terwijl jij er al jaren op zit te wachten. Die ongelijkheid is niet fijn. Daar komt bij dat we in de media vaak gewelddadige beelden over islamitische strijders zien. Dat voedt ook angst.
Een andere belangrijke reden – de belangrijkste? – die mensen motiveert om PVV te stemmen of te overwegen dat te stemmen heeft ermee te maken dat voor veel mensen het politieke establishment (Den Haag en co) heeft afgedaan. De gemeenschappelijke deler van de PVV-stemmer ligt wellicht wel hierin:  “Bijna allemaal hebben de PVV-kiezers het idee dat de gevestigde politieke partijen er niet meer zijn voor mensen zoals zij.” (1)

In het gesprek over dit grotere maatschappelijk probleem worden vaak beelden gebruikt die de waarheid geweld aan doen. Zoals dé PVV-stemmer niet noodzakelijk de boze witte burger is, zo schuilt ook niet onder iedere hoofddoek een terrorist. Als pastores hebben we de opdracht om zorgvuldig met beelden en beeldvorming om te gaan en die waar nodig in het licht van de waarheid te stellen.

PVV
Wij willen de vragen en ervaringen die mensen in onze samenleving hebben serieus nemen. We willen meedenken daar waar de (islamitische) immigratie hen en onze samenleving daadwerkelijk onder druk zet. Voorbeelden van die druk zijn bijvoorbeeld een groot AZC in een heel klein dorp, immigranten die onze grondwet niet respecteren, een naïef ruimte bieden aan iedereen etc.
Maar wij denken niet dat de PVV het goede antwoord is. Het probleem dat wij hebben bij de PVV is dat het de grondwet van Nederland niet serieus neemt. In onze grondwet staat godsdienstvrijheid en gelijke rechten voor alle burgers, hoog aangeschreven. Het gaat Wilders primair om de strijd tegen de islam. Je hoort hem vaak spreken over de joods-christelijke cultuur van Nederland. Dit heeft onzes inziens alleen zeggingskracht als die religieuze bronnen daadwerkelijk relevant zijn voor mensen en niet alleen als slagzin dienen voor een absoluut nationalisme.(2) Het is aan de kerk en de synagoge om te laten zien wat de joods-christelijke bronnen daadwerkelijk zijn en hoe die ons samenleven bepalen.

Kerk en moskee
We begrijpen wel dat er bij christenen (en anderen) een angst is dat de islam sterker vertegenwoordigd zal zijn in (de publieke ruimte in) Nederland dan het christelijk geloof. In eerste instantie moeten we dat natuurlijk onszelf aantrekken, zoals bondskanselier Merkel in Duitsland dat scherp heeft benoemd. Tevens is het belangrijk dat we als kerk naast de overeenkomsten – zoals de tien geboden –  ook het verschil met de islam weten te benoemen, zonder dat we dat polariserend doen. Een belangrijk verschilpunt is dat christenen hoewel in hun geschiedenis ook geweld is ingeslopen, kunnen teruggrijpen op de stichter Jezus Christus als vredelievend persoon. Bij de islam kwam het geweld met de stichter Mohammed mee.
In de praktijk hebben we echter te maken met vooral vreedzame islamitische medeburgers en asielzoekers. En vanuit het evangelie blijft onze opdracht om ook onze islamitische medemens lief te hebben.
We vragen ons af of wij in de kerk voldoende islamkenners hebben die ons een richting kunnen wijzen hoe we het unieke geluid van Jezus Christus zichtbaar en hoorbaar kunnen maken. Het gaat niet vanzelf om de ontmoetingen en contacten tussen kerk en moskee vorm te geven. In de contacten die we met voorgangers van de moskee hebben werpt de taal helaas barrières op.

Vanuit het evangelie blijft het onze opdracht om ook onze islamitische medemens lief te hebben.

Koers van de kerk
Vaart de PKN een te linkse koers in het vreemdelingendebat? De vraag is dan allereerst wat onder links wordt verstaan. Wij interpreteren die kritiek in het licht van bovenstaande discussie als het eenzijdig inzoomen op sociaaleconomische kwesties (bijvoorbeeld bed, bad, brood) en het laten liggen van een tegengeluid tegen de islam in Nederland.

Matteüs 25 (‘wat u aan die naaste hebt gedaan, hebt u aan Mij gedaan’) betekent dat we niet aan onze medemens voorbij kunnen leven, ook niet aan de uitgeprocedureerde. Maar als het om de vreemdeling gaat is het ons inziens niet zo dat Nederland vanuit een naïviteit alle vreemdelingen ‘in huis’ zou moeten halen zonder reserve. Kerk en staat zijn in dit land terecht gescheiden en we vertrouwen de afwegingen toe aan de staat. We komen wel in actie als de staat geen goed beeld heeft van geloofsachtergronden van mensen en die niet goed afweegt, of als de basisbehoeften van mensen niet zijn gegarandeerd. De kerk heeft tevens als taak om vluchtelingen te helpen bij het begrijpen van de Nederlandse (geloofs)cultuur, maar tegelijkertijd ook om gemeenschappen als bijvoorbeeld de Syrisch-orthodoxe kerk te steunen in hun pastorale zorg voor Syrische mensen in Nederland. De kerk kan helpen bij het verbinden, maar dient ook helder te zijn in het verschil tussen islam en christendom.

Kunnen we praten…
Als pastores gaan wij graag in gesprek met mensen. Wij zijn daarom ook erg benieuwd naar uw reactie als lezer op dit artikel. Hoe vindt u dat de kerk en voorgangers moeten omgaan met het PVV-geluid dat ook in onze kring klinkt? Ervaart u zelf in Nederland ruimte om te zijn wie u bent? Wij zouden het op prijs stellen als u uw reactie mailt naar de redactie: redactie@kerkenrijnengouwe.nl. Uit de reacties zullen we – indien gewenst anoniem – er enkele plaatsen in een volgend nummer van het kerkblad.

Ds. Ronelle Sonnenberg


  1. Koen Damstra in Wegen naar Wilders (2017)
  2. De termen zijn sinds 2001 verhuisd van het historische en ethisch-religieuze domein naar dat van de politiek en de cultuur. (link)