Na een bewogen lente lijkt de ergste periode van de C-tijd voorbij. De leefregels worden soepeler en sommigen nemen reeds (te) uitbundig deze doorstart van het leven op.
Want al werd het zomer, de wereld bevindt zich nog steeds in de ban van een crisis die ons leven ondersteboven heeft gegooid. Nog steeds voelen we dreigingen en onzekerheid, zoeken we troost en verbondenheid op afstand. Wat troost kan bieden is letten op de zekerheden. Zoals het onverstoorbaar doorgroeien van de natuur, de wisseling van de seizoenen. Want wat een prachtige lente hebben we gehad. Het leek wel alsof zij mooier en uitbundiger was dan voorheen. En dan nu de zomer.

Judith Herzberg schreef dit kleine gedicht:

Er is nog zomer en genoeg
wat zou het loodzwaar
tillen zijn wat een gezwoeg
als iedereen niet
iedereen ter wille was
als iedereen niet iedereen
op handen droeg

Er wordt een ideale wereld geschetst waarin iedereen, (viermaal iedereen) voor elkaar zorgt. En het wordt beschreven alsof het al waar is. Het tegendeel wordt ook genoemd in woorden als loodzwaar en gezwoeg. Wat zou het -, dus het is niet echt zo, want er is nog zomer en genoeg. Het lijkt zó aanstekelijk dat je je ernaar wilt gaan gedragen. Je kunt deze tekst ook zingen, want er is een melodie op gemaakt en dat helpt zeker bij het bij het oproepen van het verlangen naar zo’n wereld.

In een interview met Joop van Thijn in Vrij Nederland (21 juni 1997) zegt Judith Herzberg zelf hierover:
“Als het goed gelezen wordt, klapt het om want niet iedereen draagt natuurlijk iedereen op handen. Die tekst wordt vaak beschouwd als een positief, lief gedicht. Ik denk dat het ook een heel cynisch en ironisch gedicht is.”
En ik herken dat. Ik zeg het maar eerlijk, ik ben regelmatig somber over hoeveel en wat we zullen leren en veranderen na deze crisis. Als mensen veranderen, gaat dat vaak heel langzaam en met veel moeite. Zeker als dat offers als geld, verworven vrijheid en luxe vraagt. Verandering vraagt tijd en lange adem.

In de afgelopen maanden beseften we dat we anderen nodig hebben, hoe dan ook. Dat je door en voor anderen leeft. Dat je veel te geven hebt. Sterker nog, misschien is dat wel het énige wat we echt hebben: een mogelijkheid om te delen en anderen veel te brengen. En soms, als je met lege handen staat, dragen anderen je totdat je weer op eigen benen kunt staan. Want we zijn elkaar gegeven, door die Ene, de Eeuwige die ons Adem geeft. Er wordt van ons een lange adem gevraagd. Een adem die ons gaande houdt, het lied laat zingen van hoop: Er is nog zomer en genoeg… Moge het waar worden!

Wees voorzichtig – blijf gezond – op afstand – en in nabijheid van de Ene met elkaar verbonden. Een goede zomer gewenst!

Pastor Wilna Wierenga